woensdag 31 augustus 2016

De huwelijksgeloften en speeches van ons huwelijk.

Dinsdagnacht, Kwart voor twee. Weer klaar wakker.
Het leek me een goed idee om de teksten van mijn huwelijksgeloften aan Hanne en het videofilmpje van de livestream van ons huwelijk ook hier te posten. Samen met de tekst van mijn speech, en de videofilmpjes van de verschillende speeches op ons avondfeest.Ik wens jullie veel lees en kijkplezier.

Huwelijksgeloften van Peter:
Hanne,

Ik aanvaard je als mijn vrouw, en ik beloof je trouw te blijven in goede en kwade dagen, in armoede en rijkdom, in ziekte en gezondheid.
Ik wil en zal je liefhebben, en je waarderen, alle dagen van ons leven.
Ik zal alles wat in mijn vermogen ligt aanwenden om je gelukkig te maken en te houden, elke dag opnieuw.
Ik wil met je samen zijn tot aan mijn definitieve zonsondergang.
Ik wil je steun en toeverlaat zijn, jouw man bij wie je met alles terecht kan.
Ik wil samen met je lachen, samen met je verdrietig zijn, en je troosten als verdriet deel uit maakt van ons leven.
Ik wil je helpen met je te ontplooien, je te tillen naar het hoogste niveau, in mens zijn.
Ik wil het beste in je bovenhalen, je spiegel zijn, je helpen in alles wat je onderneemt.
En ik beloof je volgende plechtig.
Ik zal nooit zatte vrienden mee naar huis brengen, en als dat dan toch eens gebeurt, zal ik de friteuse van onze snacks opruimen voor je wakker bent.
Ik zal nooit jouw favoriete drankjes aan hen serveren, die zijn enkel en alleen voor jou.
Ik zal je nooit doelbewust raken of kwetsen, en als dat toch eens zou gebeuren, uit onwetendheid of dommigheid, dan wil ik je vragen mij aan deze gelofte te herinneren met een welgeplaatst woord en bijbehorende klinkende oorvijg.
Ik zal nooit je verjaardag vergeten, of onze huwelijksdatum.
Ik zal nooit gaan slapen zonder je een lieve zoen te geven.
Ik zal nooit, als ik als eerste opsta, vergeten je een lieve zoen te geven.
Ik zal je regelmatig bedenken met een bloemetje, zomaar, omdat ik je graag zie.
Ik zal nooit gaan slapen met een meningsverschil dat niet is uitgeklaard.
Ik zal de assen die ik naast de assenbak deponeer altijd zelf opruimen.
Ik zal nooit mijn kleren laten rondslingeren, en zal me alle dagen wassen.
Ik zal nooit roepen en tieren, ik zal je altijd respectvol behandelen.
Ik zal het altijd eerlijk vertellen als ik een deuk in de auto’s heb gereden.
Ik zal het je altijd eerlijk vertellen als ik een kledingstuk van je verkeerd heb gewassen, of als het aan het strijkijzer is blijven kleven.
Ik zal altijd in stilte afwassen en de keuken als ik gekookt heb voor ons netjes achterlaten en mijn rommel zelf opruimen.
Ik zal er altijd aan proberen te denken om het vuilnis tijdig buiten te zetten.
Als er muggen zijn zal ik altijd de muggenmelk aan jou geven, en die zelf niet gebruiken, zodat ik me de dag erop onnozel krab, maar jij ervan gespaard blijft.
Ik zal nooit naar de huisdieren trappen, ook niet als ik een baaldag heb. Ik zal ze altijd verzorgen, naar best vermogen.
Ik zal blijven zoeken naar manieren om een ‘viriele man te zijn’ en je nooit in de kou te laten staan.
Ik zal de kankerbehandeling altijd graag blijven ondergaan, voor jou.
Ik zal je altijd de afstandsbediening van onze tv geven, zodat jij kan kiezen wat je graag ziet.
Ik zal altijd proberen op het afgesproken uur thuis te zijn als ik met vrienden een pint ga drinken.
Ik zal je nooit in ongerustheid laten, en je zeggen waar ik ben en wat ik aan het doen ben.
Ik leg alles wat ik heb aan je voeten, ook rieken die niet altijd fris.
Ik aanvaard dat mijn gesnurk je soms ontzettend boos maakt, en neem de schop of de neuspeer er dan graag bij.
Ik zal altijd, als we samen op de bank hangen gaan zitten, zodat jij kan liggen.
Ik zal je schouders en je rug masseren, telkens je daarom vraagt. Ook al is dat tien keer op een dag.
Ik zal altijd voor je zorgen, ook al heb je hoofdpijn omdat je te diep in het glas keek.
Ik zal je nooit, of toch bijna nooit uitlachen, wel altijd toelachen.
Ik zal nooit naar andere vrouwen kijken, en zeker niet als we samen op pad zijn.
Ik zal je nooit in diskrediet brengen, en als ik dat toch doe verdien ik een oorvijg.
Maar vooral: ik zal je liefhebben, elke dag van de rest van mijn leven.

Aanvaard mijn ring alsjeblieft. Als teken van onze liefde en mijn trouw. Nu en alle dagen van ons leven.






Huwelijks speech

Lieve mensen allemaal,

Hanne en ik heten jullie van harte welkom op ons trouwfeest.
En we zijn verheugd te zien dat zovelen hier vandaag in ons geluk willen delen.
Ons feestje hebben we doelbewust geplaatst in een eenvoudige setting, zonder veel franje en decor.
Hanne en ik hebben ook geen franje en decor.
What you see is what you get.
Gezelligheid maak je immers zelf en niet met gouden randjes rond een bord.
Het eten smaakt er niet beter door.

Ik wil jullie vandaag een verhaal vertellen.
Een verhaal van familie, van vriendschap en het verhaal van de oude bok en zijn groen blaadje.
Het verhaal van Hanne en mij.
En jullie spelen allemaal een rol in dit verhaal.
Anders zouden jullie hier nu niet met ons mee feesten. Dat is wel duidelijk denk ik.
Er zijn geen echte hoofdstukken in ons verhaal. Accenten, dat wel, en hier een daar een milestone.
En zoals elk verhaal heeft ons verhaal een begin. En ook een einde, al hopen we beiden dat dit nog heel lang mag duren.
Maar laten beginnen bij het begin.
Familie. Want daar begint het. Hanne heeft een vader en een moeder. Ik ook. Als die er niet geweest waren, zouden er hier nu geen Hanne of Peter staan.
Of wij, Hanne en ik, het product zijn van een weloverwogen beslissing van onze ouders, of van een gigantische stommiteit wil ik even in het midden laten. Feit is dat we geboren zijn. Het begin van ons verhaal. We werden geboren en groeiden op. Ik een ietsie pietsie vroeger dan Hanne.
En onze ouders deden hun uiterste best om ons te sturen, met een liefde die onvoorwaardelijk is.
Of ze hierin geslaagd zijn laat ik ook graag even in het midden. Maar als ik naar Hanne en mezelf kijk denk ik van wel.
Een standaard traject was het geenszins.
Niet in mijn geval en ook niet voor Hanne.
Er zijn wel wat valkuilen geweest. En hindernissen. En niet in het minst voor onze ouders.
Ik heb het mijn mama en papa niet gemakkelijk gemaakt. Hanne haar mama en papa ook niet. En nooit gaven ze op. Sta me toe hen hiervoor vandaag expliciet te bedanken.
Maar familie is meer dan ouders alleen. Er zijn broers en zussen, tantes en nonkels, neven en nichten. En allemaal dragen ze een stukje bij tot wie iemand wordt en is.
Het kan verkeren hé.
15 jaar geleden reed Astrid, de dochter van mijn zus en schoonbroer, paardje op mijn knie.
Vandaag zorgt Astrid als vakkundige verpleegster voor mij als ik om mijn chemo ga.
We hebben elkaar nodig, snap je?
Familie is belangrijk, heel erg belangrijk. Je hebt maar één echte familie. Koester elkaar.
Laat het bloed kruipen waar het niet gaan kan. En als het niet wil kruipen, geef het dan een schop voor zijn kont dat het gaat hollen.
En dan zijn er de vrienden. Mensen die niet omwille van je geboorterecht in je leven komen.
Mensen die je pad kruisen, en waar je erg goed mee kan opschieten. Mensen die even waardevol blijken te zijn als je familie.
En mensen die soms ook weer uit je leven verdwijnen. Vriendschappen voor het leven zijn zeldzamer, maar ze bestaan.
Jullie allemaal hier zijn van die blijvende vriendschappen. Sommige onder jullie ken ik al dertig jaar, sommigen zelfs vijfenveertig jaar. Sommige pas recent.
Peter, die ik leerde kennen in het eerste leerjaar, en altijd ergens een deel bleef uitmaken van mijn leven. De man met wie ik zo graag filosofeer over de meest uiteenlopende dingen bij een goed glas whisky, of een goed getapte frisse pint. En tegen wie ik ongezouten kan zeggen wat ik denk, en van wie ik een even ongezouten antwoord krijg.
Stijn, mijn werkgever, nog steeds, ook al ben ik al meer dan anderhalf jaar ziek, en die op meer dan tien jaar gegroeid tot een intieme vriend, met wie ik graag de meest snode plannen smeed om iemand een ludieke poot uit te vijzen, of brainstorm over hoe de business best vorm krijgt, maar even vrolijk kan praten over moeilijke dingen. Harde dingen. Hij was mijn getuige vandaag, samen met mijn zus. Dat zegt wel wat denk ik.
Werner, mijn collega en opdrachtgever in mijn laatste professionele projecten. Met wie ik ruzie maakte, over hoe de dingen professioneel best zouden verlopen, en waarbij we als twee kleine jongetjes na een heftige discussie mekaar bekeken en knikten. Die knik bracht ons steevast naar het staminee, waar de meningsverschillen bij een glas witte wijn onder de mat werden geschoven.
Of Babs, met wie ik stevige discussies had, zo stevig zelfs dat we op een gegeven moment de handdoek wierpen.
Ik heb het strijd bijl allang begraven, en ben blij dat ze hier vandaag bij ons is.
Geert, die me leerde dat ijzer nog wel meer mogelijkheden heeft dan alleen maar roesten, en me als baas meer dan twintig jaar geleden een boterham gaf, omdat hij opmerkte dat ik geen broodtrommel bij had en honger had. Ik had die broodtrommel niet bij omdat ik toen geen centjes had om brood te kopen. Wat Geert verdorie goed wist. Omdat hij een scherp observatievermogen heeft, en in stilte handelt.
Ik ben die boterham nooit vergeten.
En ik kan zo nog wel een tijdje doorgaan, en kan voor ieder van jullie hier wel ergens een anekdote uit de kast trekken. Of een mooi verhaal. Maar dat zou de rest van de avond in beslag nemen, en dat kan niet de bedoeling zijn.

Het traject van Hanne en mij is ook gestart door paden die elkaar onverwacht kruisten.
Op het werk. Bij BP Antwerpen. Aan de koffieautomaat in de kantine.
Daar zag ik haar voor het eerst, en ik was gelijk uit mijn lood geslagen. Een ravissante schoonheid, met lang, donker krullend haar, grijsblauwe pientere ogen, een sensuele mond en benen tot onder haar oksels. En een sexy kontje, mijn god, een sexy kontje! I was struck by lightning.
In die mate zelfs dat een collega me er op wees dat ik met open mond stond te staren, en het gênant begon te worden. Ik heb dan mijn stoute schoenen aangetrokken en die schoonheid, die intussen aan een tafeltje had plaatsgenomen, gevraagd of ik me erbij mocht zetten.
Wat mocht.
We hadden een geanimeerd gesprek en was het begin van een diepe en eerlijke vriendschap.
Heel het verhaal vertellen zou ons hier weer veel te ver brengen, maar over een periode van twee jaar hoorden we elkaar zo goed als dagelijks, via Lync, een professioneel chatforum of af en toe aan de telefoon.
We spraken ook wel eens een keertje af, om bij een lekker etentje en een goed glas wijn bij te kletsen.
En we voelden alle twee wel de elektriciteit die er tussen ons hing, die spanning van twee mensen die zich tot elkaar aangetrokken voelden, maar we parkeerden die beiden. Hanne had een vriend, ik had een vriendin, en er lag 24 jaar leeftijdsverschil tussen ons. Redenen genoeg dus om de groeiende gevoelens te parkeren.
Gaandeweg leerden we elkaar beter en beter kennen, namen geen blad voor de mond als we elkaar wat te vertellen hadden, en er viel soms wel al eens een hard, maar goedbedoeld woord. Elkaar naar de mond praten deden we nooit. We vonden beiden dat daar niemand wat aan had. Liever een oprechte mening, dan een verhaaltje dat je graag wil horen maar geen hout snijdt.
Ik kon bij Hanne met alles terecht. En zij bij mij.
Ook in maart 2015, toen ik de diagnose kreeg dat ik kanker had. Longkanker, kleincellig, in een vergevorderd stadium en goed uitgezaaid naar lever en ribben.
Hoe vertel je zoiets aan je ouders, je familie en je vrienden?
Door het gewoon te vertellen. Punt. Droog, sec, en zakelijk. Emoties helpen je niet op zulk een moment. Wat niet wegneemt dat die er wel zijn. Heel erg manifest zelfs.
Ik ging met mijn emoties kloppen bij Hanne. Omdat ik wist dat ik er bij haar mee terecht kon. Het maakte bij Hanne ook wel emoties los. En ze uitte die ook.
Hanne was er altijd voor mij. Uren hingen we aan de telefoon, of we spraken af.
En we groeiden korter en korter naar elkaar toe.
Tot we einde mei 2015 het hart lieten spreken, en voor elkaar kozen. Ondanks alle vooroordelen, ondanks het leeftijdsverschil, ondanks de kanker. De liefde won het van de ratio.
Geen voor de hand liggende keuze, en al zeker niet voor Hanne. Om te beginnen trok ik uiterlijk in niets nog op de man die ze twee jaar eerder leerde kennen aan de koffieautomaat. Chemo pleegt een aanslag op je uiterlijk, en je fysiek. Ik haat intussen mijn lookalike Fester Adams, de creep uit the Adams family en ik haat hem hartgrondig.
Het is voor Hanne allemaal niet belangrijk.
Vandaag zijn we gehuwd.
Ik ben gehuwd met mijn beste vriendin. Mijn vrouw is mijn beste vriendin.
Je mag jaloers zijn.
Ik ben een gezegend man, en ik voel me zo ook.
Blessed.
En geprivilegieerd. Omdat ik Hanne mijn vrouw mag noemen. Niet vanzelfsprekend.
Ik heb hier een boodschap voor haar.
Een belofte.
En jullie allemaal zijn nu mijn getuigen.

Liefje, dank je voor alles. Voor je steun, je begrip, om me terug te fluiten als ik doordram, om me stilzwijgend te helpen als het eens wat lastiger is, om te zijn wie je bent.
Ik wil je hier nog iets beloven.
Met elke vezel die ik heb zal ik vechten voor telkens een nieuwe dag samen met je.
Met elke hersencel die ik heb zoek ik zelf naar een oplossing die me tijd koopt om samen met jou zo ver als het kan te wandelen op onze weg.
Ik zal mijn vel zo duur als ik kan verkopen.
Omdat geen nevenwerking van de behandeling, geen pijn die ik dikwijls heb opweegt tegen één extra seconde samen met jou.
Leven samen met jou is leven met de grote L. Altijd en overal.
Ik zie je graag.
Met heel mijn wezen, met alles wat ik heb en hoe ik ben.
Voor zo lang als ik mag leven.

En nu lieve mensen, feest met ons. Maak er ieder voor zich en allemaal samen een onvergetelijke avond van. Het buffet is open, de tap is dat al even, de dansvloer seffens ook.
Let the party begin!







Veel kijkplezier deze keer...











zondag 28 augustus 2016

Acht dagen verder.

Zaterdagnacht, of zondagochtend, 28 augustus 2.23 uur.

Hanne slaapt. As usual. Nog maar net, want we hadden een zalige avond, waarover seffens meer. Ik ben weer klaarwakker.
As usual.
En zoals gewoonlijk scherp ik dan mijn digitale griffel, om een stukje neer te pennen.
We zijn een dikke week verder. Als gehuwd koppel.
En noem het cliché, maar gehuwd zijn verandert echt wel iets fundamenteel.
Toch als je huwt met je beste vriendin. Of vriend, in Hanne's geval.
Het gevoel verbonden te zijn wordt elke dag sterker. Nog sterker dan wat er al lag. One team.
Na de drukte, en de chemo op maandag knepen we er samen een paar dagen tussen uit.
Een roadtrip, en we zien wel waar het lot ons brengt.
Noord Frankrijk deze keer, en met de zomerse dagen die we kregen, is dat de meest zalige vakantie die je kan hebben onder de spreekwoordelijke kerktoren.
We voelden ons een beetje zigeuners, en sloegen ons kamp op in Chambres d'hotes, beter bekend als B&B's.
En we kregen hier en daar wel een vreemde blik toen we vertelden dat we op mini honeymoon waren. Het leeftijdsverschil is dan ook wel redelijk duidelijk.
De ontvangst was er zeker niet minder hartelijk om, integendeel.
De setting is één, en met mooi weer kan je in noord Frankrijk niet beter zitten. De sfeer is twee, en eigenlijk staat eigenlijk gelijk met één. 's Ochtends niet weten waar je 's avonds gaat slapen brengt een ongedwongenheid die onbetaalbaar is.
Het maakt niet uit, al is het een hooizolder tussen wat balen stro, zolang we maar bij elkaar kunnen zijn.
In de eerste B&B kregen we twee A4 velletjes mee met de leuke plaatsjes boven en onder Boulogne sur Mèr, en die velletjes waren zo een beetje onze gids.
Gewoon genieten. Van krijtrotsen waar de zee 50 meter dieper recht onder je onbarmhartig inslaat, tot 10 km verder diezelfde kust op 500 meter van de dijk te zien liggen, en je tien minuten moet wandelen om aan de kabbelende Noordzee te geraken.
Omzwervingen die je in kleine dorpjes brengt, met karakter en heel pittoresk.
Samen, in de auto, of op het terras van een eenvoudig restaurantje dat tegen belachelijke prijzen je de meest lekkere dingen serveert.
En om de ritten tussen twee plaatsjes wat cachet te geven, hebben we samen een spelletje gespeeld dat zo oud is als de straat. Wanneer je iets ziet dat op een voertuig lijkt, vier wielen heeft en geel is mag je elkaar een pets verkopen. Wanneer je iets gelijkaardig ziet maar met een groene kleur dan mag je een kneep verkopen. We hebben elkaar niet gespaard.
Met soms een discussie of nu iets geel is of eerder oranje, of eerder petrolblauw dan groen.
Er is wat gepetst en geknepen. Zalig.
De vier dagen/drie nachten zijn voorbij gevlogen.
Samen picknicken met een stukje brood, wat wijn en een beetje kaas. Op de trapjes van een eeuwenoud kerkje, eigenlijk eerder een kapel met pretentie, en met de avondzon op onze snoet. Om daarna met als enige geluid een enthousiaste krekel op de achtergrond samen in slaap te vallen in een bed van een chambre 'd hotes.
Wakker worden door een straaltje zon die door de spleet in de gordijnen op je gezicht priemt, een spel speelt met wat stof dat rond dwarrelt en een nieuwe dag aankondigt vol onbekende avonturen.
Het plaatje klopt.
Eenvoud.
Het siert nog steeds, Geen exquise diners met dure wijnen, wel lekker eten, bereidt met streekproducten en een lekker glas wijn van de wijnboer naast de deur.
Als er geen agenda lag voor Hanne en mij zou ik zo de rest van onze dagen willen slijten.
Vier dagen ongedwongenheid.
Niks moet, alles mag.
Onze mini honeymoon. In short, T-shirt en met teenslippers.
Samen.
Onbetaalbaar.
Met rode billen, want er rijden verdorie veel gele wagens rond als je er op let.
Om vandaag een zalige week wat af te sluiten met een BBQ bij mijn ouders, met heerlijke gerechtjes klaargemaakt door mijn ouders, in gezelschap van zus, schoonbroer en kinderen. Met een glas wijn te veel hier en daar, maar ook weer ongedwongen en eerlijk.
Ik wil dit nog niet kwijt. Echt niet.
Da's waarom ik maandag weer om die chemo ga.
Voor mijn vrouw, voor mijn familie, voor mijn vrienden.
Het leven is mooi, als je het wil zien.

zondag 21 augustus 2016

The days after.

Zondag, 21 augustus 2016, ergens laat in de avond.

Hanne, die ik nu mijn vrouw mag noemen, slaapt. Het waren dan ook hectische dagen.
Maar ze waren elke inspanning waard.
In the end, it all came together.
Op de valreep, maar dat is goed genoeg. Net op tijd is ook nog op tijd.
Het feestzaaltje heeft ons de nodige zorgen door de strot geramd. Er werd ons veel beloofd, waar uiteindelijk niks van in huis kwam. De incompetentie van de mevrouw die het renovatieproject van dat zaaltje hoorde aan te sturen heeft niet in het minst bijgedragen tot de extreem vermoeide gezichten op de foto's van ons huwelijk.
Mezelf bijvoorbeeld. Voor een man die wekelijks chemo gaat halen betekenen vier dagen hard labeur 122 km van je deur wallen onder je ogen waar je vlot je voeten in kan wassen.
Maar ook mijn vader en mijn moeder, die keihard hebben meegewerkt. Of mijn zus en schoonbroer, en mijn toen nog aanstaande vrouw en haar zus.
Acht mensen die hard gewerkt hebben om de door onbekwaamheid gecreëerde achterstand in het projectbeheer bij te benen. Zodat we onze 124 gasten op ons trouwfeest konden ontvangen zoal dat hoort. In een feestzaal, en niet op een smerige werf.
De hulp van Kim en Philip, mensen die vandaag in datzelfde zaaltje een feestje hadden was meer dan welkom. Soms heb je maar enkele momenten nodig om vrienden te maken. Echt vrienden.
Dat is dan de mooie zijde van zo een lelijke medaille.
Kim en Philip hebben op ons feest de tap als professionals ( ze hebben jarenlang een goed draaide horecazaak uitgebaat in Diest) voor hun rekening genomen, gewoon uit dankbaarheid, omdat ze de zaal netjes en in optima forma overgedragen kregen. Hun kennis ter zake was meer dan welkom.
Uiteindelijk werd mijn 'huwelijksproject' afgerond zoals ik al mijn projecten afrond. Met gecompresseerde stress in de laatste dagen, maar alles binnen deadline en budget. Het decoratiemateriaal werd just in time geleverd, de trouwringen op donderdag, om drie uur in de namiddag.
But in the end there where no loose ends.
Het was dan ook een dag om U tegen te zeggen.
19-08-2016. Numerologisch een dag die negen als uitkomst geeft. Met de betekenis dat een periode wordt afgesloten, en een nieuwe negenjarige cyclus begint.
Ik was vrijdag vroeg wakker. Vijf minuten voor mijn wekker zou afgaan. Om vijf voor zes in de ochtend.
Wassen, aankleden, een tas koffie drinken en om zeven uur on the road naar Gent. anticiperend op mogelijk verkeersdrukte die er niet was. Dus om acht uur al bijna in Gent.
Koffie gedronken in een wegrestaurant, samen met mijn nicht Ester die elk belangrijk moment zou vastleggen op de gevoelige plaat.
Bruidsboeket gaan halen, en dan naar de Sint Joriskaai, waar mijn bruid wachtte.
Ik belde aan, Hanne deed open, en instant begonnen mijn tranen te vloeien.
Ik had me nochtans voorgenomen het droog te houden, maar er zijn grenzen.
Hanne zag er uit als een Engel. Zo mooi. In een gedistingeerd trouwkleed, eenvoudig, stijlvol en toch onschuldig en sexy tegelijk.
Een reflectie van wie ze is, in alle opzichten.
Er is niks beters. Voor mij bestaat er niets beters dan Hanne.
Perfect door imperfectie. Omdat een meningsverschil kan, en we daarover praten tot er een consensus ligt.
Op onze huwelijksdag waren er geen meningsverschillen, alleen een gevoel van verbondenheid. Nog sterker dan de verbondenheid die we al hadden. En elke dag wordt dit sterker en sterker.
Dat hebben we gevierd, dat was en is de fundering van ons feest, ons huwelijk, ons man en vrouw zijn.
En dat hebben onze gasten op ons feest gevoeld.
De essentie.
Elkaar graag zien. Zelfs al wil je elkaar soms de nek omwringen.
Een dag in het teken van ware liefde. Een ode aan onbaatzuchtige liefde.
En niet alleen die dag. Het crescendo  zet zich door, elke dag, elk uur dat we samen zijn.
Liefde, elkaar graag zien zonder franje, onvoorwaardelijk.
Wat resulteerde in een feest dat een feest werd voor iedereen. Met oprechte vriendschap, plaats voor emotie en eerlijkheid, gemaakt met en door mensen die er één voor één mogen zijn.
Dank je wel aan iedereen die elk op hun manier onze dag, ons feest hebben gemaakt tot wat het werd.
Een ode aan vriendschap en liefde, open en oprecht, beleefd vanuit het hart.
Ik zag alleen lachende gezichten, toffe mensen die met elkaar praatten, feestten en een leuke tijd hadden.
Mijn boodschap in mijn speech werd waargemaakt. Niet het entourage maakt een feest, wel de mensen die er zijn.
Het was een geweldig feest, gemaakt door geweldige mensen. Stuk voor stuk. Mensen die hun masker thuis lieten, omdat ze het niet nodig hadden.
Mensen die hun hart bij hadden.
Ik wil dit illustreren met enkele foto's. Foto's die heel de sfeer van ons feest weergeven.
Gewoon gelukkig zijn...


Deze foto straalt alles uit. Heel de dag. Voor iedereen.
Het leven is mooi. Je moet het alleen willen zien.

Hanne, mijn bruid. Onderstaande foto zegt alles...


Geluk moet je zien, niet zoeken.


Dank je wel iedereen, voor deze mooie en onvergetelijke dag.


woensdag 17 augustus 2016

Overmorgen. The Big Bay.

Woensdagavond 17 augustus, 23 uur.

Het is weer rustig in de keuken. Vrouwlief in spé is net slapen, Klaas vaak mijd mij weer als de pest.
Ik heb nooit echt veel nachtrust nodig gehad, en de chemo veroorzaakt ook wel wat slapeloosheid.
De laatste dagen echter is het wel significant. Vorige nacht heb ik zeven uren ononderbroken geslapen, en dat heb ik vandaag wel gevoeld. Ik had energie te over.
Morgen dus om een uur of tien onder de wol, zodat ik op de The Big Day energie heb om tot zondag door te gaan.
Bij wijze van spreken.
The Big Day. Een dag waar ik naar uitkijk sedert 4 april.
De dag dat ik aan Hanne vroeg of ze mijn vrouw wou worden. En Hanne 'ja' zei.
Het gaat vreemd aanvoelen morgennacht. Terug een nachtje in het ouderlijk huis, want ik ben nogal conservatief op dat vlak. Bruid en bruidegom slapen niet samen op de nacht voor hun huwelijk.
Traditie, en ook praktisch. Ik wil Hanne pas in haar trouwkleed zien als ze volledig en in vol ornaat is, en zij mag mijn trouwoutfit ook pas zien op The Big Day zelf.
De laatste twee dagen zijn behoorlijk hectisch geweest.
Het feestzaaltje dat Hanne en ik kozen en dat nog vrij was, was ook nog vrij om een reden. Het werd anderhalf jaar geleden de laatste keer gebruikt, en was aan een 'opfrissing' toe. De afspraken met de nieuwe beheerster waren dat een aantal 'verfrissingswerkjes' ook tegen overmorgen werden uitgevoerd. De dame in kwestie heeft daar wat steken laten vallen. Allemaal eigenlijk. Het aanpalende tuintje zou onderhouden zijn, wat niet gebeurde. Het zaaltje zou grondig gepoetst zijn, wat niet gebeurde. De toog, tapinstallatie en toebehoren zou onderhouden zijn, wat niet gebeurde.
De koelkasten in de toog zouden hersteld zijn, wat niet gebeurde. De verlichting zou hersteld zijn, wat niet gebeurde.
Als ik in mijn professionele omgeving mijn projecten zo zou beheerd hebben zou Stijn, mijn werkgever, me redelijk snel de deur gewezen hebben.
Dus hebben we zelf maar al die dingen in orde gebracht.
Op drie dagen.
Het zaaltje is nu een zaaltje waar je een feestje kan bouwen, kraaknet, met werkende verlichting, een tuintje dat uitnodigt en met drankjes die gekoeld zijn.
Samen met de hulp van mijn ouders, mijn zus en schoonbroer is het allemaal in orde. Morgen leggen we de laatste hand.
De nieuwe beheerster was vandaag ook aanwezig. Samen met enkele mensen om te poetsen. De mensen hebben hun best gedaan, maar kunnen op een halve dag ook geen wonderen verrichten. En de nieuwe beheerster heeft van mij in de rand wel enkele rake opmerkingen gekregen.
De rekening wordt achteraf nog gemaakt...
Ik ken haar directrice. En mijn vader kent haar goed. Ik heb mij directheid van mijn vader...
Paps was trouwens ook niet blij met de beheerster haar loze beloften. En net zoals ik, neemt hij dan zelf het heft in handen. Maar loze beloften maken doe je net zoals bij mij, niet ongestraft bij paps.
Wordt vervolgd.
Maar twee dagen labeur, drie dagen voor mijn ouders die maandag besloten om het tuintje al voor een groot deel onder handen te nemen, hebben ervoor gezorgd dat Hanne en ik onze gasten kunnen ontvangen zonder het schaamrood op de wangen te krijgen.
Morgen leggen we de laatste hand aan de decoratie. Kleine dingen die het feestje een identiteit geven, die kleine twist die het 'af' maakt. Met dank aan de creativiteit van mijn bruid, aan wiens brein deze dingen ontsproten zijn en ook vorm hebben gekregen.
Helemaal in de stijl van Hanne en Peter. Eerlijk, zonder kapsones, recht aan recht toe.
Want uiteindelijk draait het er om met een hoop mensen samen een engagement te vieren. Het engagement dan Hanne en ik tegenover elkaar uitspreken, recht uit het hart, en zonder kapsones. Want zo zijn we.
Geen bla bla, wel boem boem.
Als je een pint wil, of een glas wijn, ga die dan halen aan de toog.
Wil je wat eten, er staat een buffet. Ga, kies en eet.
Eten genoeg. Pinten en wijn ook.

Vrijdag trouwen Hanne en ik.
Nog twee nachten slapen.
Waarvan morgennacht ieder in een bed apart. Met 122 kilometer ertussen.
Ik ga aan mijn laatste nacht naar mijn vriendin beginnen, en ik ga ze eens goed vastpakken.
De volgende nacht samen zal eentje zijn met mijn vrouw naast me.
Goed gevoel.

vrijdag 12 augustus 2016

Duizend en één dingen.

Nog acht keer slapen... Nog zevenenhalf eigenlijk, als ik naar het on - katholieke uur kijk. En dan trouwen Hanne en ik. Het komt nu echt kort bij.
En hoewel ik eigenlijk gewoon ben om met de stress van een projectje in coming deadline om te gaan liggen de kaarten vandaag toch wel enigszins anders. Trouwen doe je dan ook niet elk kwartaal en ik kan niet bogen op een rijke ervaring ter zake.
Het is dan ook allemaal snel gegaan.
Mediaan kondigt een koppel hun huwelijk een dik jaar op voorhand aan en nemen ook een dik jaar de tijd om één en ander geregeld te krijgen.
Bij Hanne en mezelf hebben we niet de luxe om dat jaar te nemen. Het moet allemaal wat sneller. Omdat het niet zeker is dat ik hier over een jaar nog rondloop. We hopen dat wel natuurlijk en nog veel langer ook, maar het is niet zeker.
Tijd is deze keer niet echt een vriend.
Dus moeten we zelf een aantal dingen in handen nemen. Eigenlijk alles.
Het hele feest uitbesteden is geen optie. Omdat de agenda's van die feestzalen allemaal al volgeboekt zijn.
Na het zoveelste ontkennende antwoord op een telefoontje met de vraag of er nog ergens een datum vrij is ga je toch wel lichtjes panikeren.
Hanne en ik prikten 19 augustus, omdat die datum in het kader van mijn behandeling de meeste garantie bood op 'goede dag', zonder nevenwerkingen, of toch geen noemenswaardige nevenwerkingen.
Vroeger was geen optie.
Om een trouwfeest te regelen heb je nu eenmaal wat tijd nodig. Later ook niet, want dan zou dat trouwfeest wel eens kunnen omslaan naar een uitvaart en dat mag ook niet de bedoeling zijn.
De toeters en bellen die we eigenlijk wel aan ons feest wilden hangen moesten één voor één wijken, na elk negatief telefoontje met een potentiële feestzaal die alles zou kunnen regelen voor ons.
"Het spijt ons meneer, maar we zijn volzet".
Paniek begon bij mij toch wel lichtjes toe te slaan.
Hier en daar was er wel een feestzaal die nog plaats had op negentien augustus aanstaande, maar dat was dan voornamelijk omwille van de prijzen die ze hanteerden. Een feest is leuk, behalve als het je een half huis kost...
Ik heb de relativiteitstheorie een paar keer vervloekt. Daarom dat het ook een theorie is.
Tijd is in onze beleving wel constant. Elke dag die voorbij gaat krijg je niet terug. En brengt je korter bij de deadline. Newton en Einstein mogen vertellen wat ze willen. En ze zullen wel een punt hebben.
Ik heb dat ook. Tijd gaat voorbij. En de deadline komt elke dag korter bij.
Dus namen we zelf de touwtjes in handen, Hanne en ik.
We zochten en vonden een zaaltje dat aan de verwachtingen enigszins voldeed en vrij was op onze gekozen datum.
We hadden al een dak boven het hoofd van onze gasten, maar daar was het dan ook mee gezegd.
Dat zaaltje in de juiste sfeer brengen met decoratie bijvoorbeeld lijkt iets van niks, maar vraagt echt wel aandacht.
Een DJ vinden. Nog zo iets. Ook die mensen zijn lang op voorhand volgeboekt. Vlaanderen feest blijkbaar graag en veel.
Het live bandje, dat we er graag bij hadden, voor de DJ zijn ding zou doen.
Het eten, de catering zoeken en een brouwer.
Mensen vinden die ons willen helpen met tappen.
Een planning maken, want je wil op je huwelijksdag echt niet nog tafeltjes moeten gaan schikken.
De outfit kiezen, zowel voor Hanne als voor mij.
Een bruidsboeketje kiezen en iemand vinden die met een fototoestel kan omgaan, je kent en de sfeer weet te grijpen in de foto's.
Mensen uitnodigen en grenzen trekken, of je moet de Heizel afhuren als je dat niet doet.
Je officiële gedeelte op het stadhuis wat stroomlijnen, een restaurantje zoeken dat je compleet kan afhuren om met de naaste familie wat te gaan eten na de officiële plechtigheid.
Trouwringen kiezen en ervoor zorgen dat je die niet ergens half september geleverd krijgt.
Duizend en één dingen die je moet regelen.
Eerlijk gezegd zet ik liever een nieuwe bioplant neer. Van twaalf hectaren groot.
Dat ken ik tenminste. Of haal ik liever een bedrijf in moeilijkheden uit het slop. Heeft ook geen geheimen voor me.
Anticiperen op de weergoden, waar je niet kan op anticiperen. Gek wordt ik ervan. Alles is al voorspeld, van tropisch heet tot verzuipen. Sneeuw was er net niet bij.
Ik haat het als er dingen zijn waar ik geen vat op heb.
Maar ik heb wel weer wat geleerd.
Bottom line komt het hier op neer.
Of je nu een sandwich serveert, of je geeft oesters, het maakt niet uit.
Of het stralend weer is of het regent pijpenstelen, eigenlijk is dat niet relevant.
De sfeer wordt gemaakt door de mensen die je erbij wil hebben, niet door het decor, het weer of de exclusiviteit van de gerechtjes.
Eenvoud siert.
Dat klopt. Zelfs als het regent.
Hanne en ik kijken er naar uit.
Naar die negentiende augustus.
Halsreikend.
Ook al ligt er een meter sneeuw.

maandag 8 augustus 2016

Een huwelijk dat met rasse schreden nadert.

19 augustus komt kort bij... Het is vandaag acht augustus, eigenlijk negen. Nog tien dagen.
Ik ga trouwen, Hanne ook. Voor een huwelijk moet je met twee zijn.
Logisch. En Hanne wil nog steeds. Houden zo...
De grote dingen zijn allemaal geregeld, De details komen als een trein op me af. Honderd en één dingetjes zijn nog te regelen. Kleine dingen, die aandacht vragen.
Stress? Ja. Vind ik dat erg?
Neen, in tegendeel.
Het maakt terug een beetje de project manager bij me wakker. In the end, it all comes together.
Een man trouwt maar één keer met zijn beste vriendin, en dan wil je het allemaal goed geregeld.
No loose ends.
Niet altijd even simpel met een chemo kopke.
Maar we geven niet toe hé. En samen met mijn vrouw in spé wordt het allemaal geregeld voor de deadline. Net ervoor, maar dat is goed genoeg.
De emoties die er rond wakker gemaakt worden zijn een ander paar mouwen.
De cold feet fase zijn we voorbij. Redelijk turbulent geweest, die fase, en die hebben aanleiding gegeven tot open, en eerlijke gesprekken. Het hoort erbij, en er juist mee omgaan brengt net wat je op dat moment uit elkaar drijft korter bij elkaar.
Check. Cold feet. Gehad en gepasseerd.
Op de checklist van de dag zelf staan nog wel wat dingen open. En telkens je er eentje kan afvinken komen er drie bij. Die we ook afvinken.
We zijn er bijna. Samen.
Onder ons tweetjes. We zijn zelf ceremoniemeester. Van heel onze dag. Op negentien augustus aanstaande. Samen dirigeren we. En proberen we er geen kakofonie van te maken.
Het zal een dag worden zoals we die zelf willen invullen. Zoals we zijn en wij in het leven staan.
In alle eenvoud en met de accenten juist gelegd. Volgens ons dan toch.
Het vrijgezellen zaakje hebben we ook gehad. Ik op mijn manier, Hanne op de hare. En we hebben elk er op onze manier van genoten. Check. Vink af.
De huwelijksplechtigheid zelf begint ook vorm te krijgen. De definitieve vorm uiteraard, de draft ligt al veel langer. Maar een draft is een kladje, en we willen geen draft. We willen the real thing. De definitieve en welomschreven versie. Omdat Hanne zowel als ikzelf de zaken graag op een rijtje hebben.
Dat vraagt wat regel en schrijfwerk. Draaiboeken, huwelijksgeloften, feestanimaties en zaaldecoraties.
Trouwringen kiezen, wat te eten voorzien, kledij kiezen. Fotoreportage, en liefst gemaakt door mensen die ons kennen, en dan ook nog eens begrijpen hoe je met een fototoestel omgaat. Muziek kiezen, live en een DJ.
Openingsdans. Ik kan geen vijf minuten los meer gaan op de dansvloer, mijn kanker laat dat niet meer toe. Maar ik wil ook niet tegelplakken, en het nummer moet wat zeggen over ons. De gulden middenweg, en niet altijd makkelijk om dat dan te kiezen. We hebben het gevonden.
Eén ding hebben we niet in de hand. De weergoden, al lijken die ons voorlopig goedgezind.
En ook al regent het pijpenstelen, dat zal geen sfeerbreker zijn.
Negentien augustus. Ik kijk er naar uit.
Nu mijn huwelijksgeloften schrijven. Afwerken eigenlijk. Ze zijn grosso modo geschreven.
En niet voor publicatie vatbaar. Nu toch niet.
Na negentien augustus wel.
Als dat gewenst is natuurlijk.
Ik trouw met mijn allerbeste vriendin.
Een voorrecht...

zondag 24 juli 2016

Freedom.

Het is 24 juli, zondagavond half twaalf. Hanne is slapen, er wacht haar een drukke werkweek.
De tuindeur staat open, en ik 'mag' meegenieten van een overenthousiaste band ergens op een podium van de Gentse Feesten, waarvan de bandleden volgens mij dringend nood hebben aan een stoomcursus notenleer. Ook dat hoort bij de Gentse Feesten.
Die vanavond aflopen trouwens.
De die hards worden morgenochtend tussen acht en tien van de straten geveegd door Ivago.
Het is voor mij een beetje een dubbel gevoel, net zoals vorig jaar. Aan de ene kant blij dat de rust weder keert, en aan de andere kant een beetje spijt, want niets garandeert dat ik volgend jaar nog eens over de feesten kan wandelen, en het vuurwerk mag zien.
Maar bottom line, die garantie ligt er voor niemand. Bij mij is ze alleen wat scherper afgetekend.
Het waren leuke feesten, waarin Hanne en ikzelf een evenwicht zochten en vonden tussen feestgedruis en rust. Want in Gent kan je ook genieten van rust en natuur.
Op De Blaarmeerse, of De Bourgoyen.
Zoals vandaag bijvoorbeeld.
Voormiddag zijn Hanne en ik naar de Blaarmeerse gegaan, waar Hanne vijf kilometer ging joggen op de Finse piste, en ik intussen een wandeling maakte aan het meertje. Om daarna samen wat te drinken in het cafetaria.
Namiddag zijn we over de feesten gewandeld, hebben samen wat gegeten aan een kraampje, de sfeer nog een laatste keer voor dit jaar opgesnoven en dan naar huis.
Naar 'thuis'. Om samen van de avond te genieten.

Thuis is waar mijn Hanne is. De staande Stella heeft plaats moeten ruimen...
Thuis...
Where ever I lay my hat, that's my home. Ooit was dat zo. Ik heb geen diepgewortelde roots.
Vandaag ligt dat toch wel een ietsje anders.
Mijn thuis is waar Hanne is. En waar dat huis staat speelt geen rol.
Al moet ik toegeven dat Gent goed op weg is om me te 'wortelen'.
En heeft dat meer te maken met Hanne dan met Gent.
Maar een stad met de mentaliteit van een groot dorp helpt natuurlijk.
We wonen klein, amper 75 M² en we hebben alles wat we nodig hebben.
In Arendonk woonde ik 720 M² groot, op 85 are, met een gigantische tuin inclusief buitenzwembad, vier slaapkamers, twee badkamers, een woonkamer die groter was dan ons hele flatje nu, voorzien van alle luxe en comfort, met een tuinhaard die in een kasteel niet zou misstaan en onder een luifel zo groot als onze hele flat nu. Een garage voor vier volwassen wagens. Met buitenparking voor nog eens vier wagens, volautomatische toegangspoort en videofoon.
En inbraakalarm.
Wow!!!
En toch voelde het er altijd koud aan.
Get the picture?
Geluk zit niet in bezittingen, of een gigantische villa.
In Brasschaat had ik al gedownsised, naar een woning van 190 M², met een tuin van 9 are, waar ik probeerde door 70 M² bankirai terrassen aan te leggen het 'thuisgevoel' tevergeefs te vinden.
Je thuis wordt niet gemaakt door de omvang of luxe, wel door de mensen die er wonen.
Hanne is er een paar keer geweest, in Brasschaat. Die enkele keren dat het in Brasschaat als thuis aanvoelde trouwens.
Hier in Gent is ons tuintje, eigenlijk is terras een betere omschrijving, net geen 30 m² groot, en nog nergens waren de avonden op het terras zo boeiend, eerlijk en puur als ze dat hier waren, zijn en zullen zijn.
We hebben één slaapkamer, en wie wil blijven slapen krijgt die aangeboden. Hanne en ik slapen dan in het zetelbed in de woonkamer, die trouwens even groot is als de slaapkamer.
S' ochtends krijgen onze gasten ontbijt in de keuken, want daar staat de enige tafel die we hebben. Binnen toch.
Als het echt goed weer is dan krijgen de gasten hun ontbijt in ons tuintje. Waar onze tuintafel staat.
Met vier stoelen eraan, en een parasol. Op grenen lattentegeltjes. Van 50 bij 50 cm.
Door Hanne en mij met zorg geplaatst. En met liefde. Omringt door wat plantjes, in volle grond of in potten. En met een kruidentuintje, waarvan ik de kruiden gebruik om het ontbijt - omelet voor onze gasten te kruiden...
Het is echt, puur en zonder franje.
Zonder de bedoeling te willen imponeren. Met liefde vorm gegeven, en samen in elkaar geknutseld.
De woonst die onze 'echtelijke woonst' wordt. Met een klein tuintje. En waar ik fier op ben.
Omdat het thuis is. Onze thuis.
Omdat ik hier thuis kom. Elke keer opnieuw, en niet 'naar huis ga'.
Subtiel maar heel erg belangrijk verschil.
Vrijheid heeft veel betekenissen. Eentje ervan is thuis kunnen komen, al is het in een kartonnen doos.
Je maakt je thuis zelf.
Size doesn't matter. Geloof me.

We praten hier met elkaar, aan onze keukentafel of onze terrastafel. Over de meest uiteenlopende dingen.
Ook over moeilijke dingen. Zoals cold feet bijvoorbeeld.
En samen komen we er altijd uit.
Freedom... Vrijheid.
De vrijheid om altijd eerlijk te mogen en kunnen zeggen wat je denkt en voelt.
De vrijheid om te mogen luisteren naar wat in je (toekomstige) vrouw leeft. En een vrouw te vinden die naar jou wil luisteren.
De vrijheid om ja te mogen zeggen in antwoord op de grote vraag.
De vrijheid om te mogen twijfelen over de grote vraag. De vrijheid om 'cold feet' te mogen hebben.
Zonder dat je daarop afgerekend wordt, of je daar zelf op afrekent.

Ik heb geen 720 M² bewoonbare oppervlakte meer op 85 are neergepoot.
We hebben 75 M², Of 105 M² inclusief tuintje.
En we hebben elkaar.
Door dik en dun.
Ook als het eens wat moeilijker gaat.
Ook als we 24 jaar in leeftijd verschillen.
Ook als kanker roet in het eten strooit.
Een thuis wordt gemaakt door liefde, respect en er zijn voor elkaar.
Niet door een hoop stenen op een gigantische lap grond.
Jaloers?
Ja? Doe er wat aan.
Neen? Goed zo. Je hebt de essentie begrepen.

donderdag 21 juli 2016

Cold feet, the sequel. Of wat een naderend huwelijk doet met mindset.

Het is 21 juli, en de dag voelt aan als een gezapige zondag.
Vreemd gevoel voor een donderdag.
Ik ben wakker geworden tegen een uur of elf, wat voor mij een gat in de dag betekent.  Als je om half vijf pas in je bed bent gekropen is dat niet zo vreemd. Zesenhalf uur slapen is voor de gemiddelde mens over het algemeen niet genoeg. Voor mij is dat een prestatie van formaat. Het was dan ook een hele leuke avond, op de Gentse Feesten, in gezelschap van drie dames die feesten verheffen van een banale zuip bacchanalen tot een avond vol met intelligente kwinkslagen, scherp humoristische opmerkingen en relativeren. Een verademing in deze zwaarbeladen tijden van angst, terrorisme in al zijn vormen en de daarbij behorende dreiging.
Het was even nodig.
Eventjes alles vergeten, opgaan in het feestgedruis zonder jezelf daarbij te verliezen in de alcohol en fast food.
Ik heb dus goed geslapen. Het heeft trouwens tot half één geduurd voor ik echt wakker was.
Hanne had ook wat moeite met op dreef te geraken.
So what?
Ik maakte een aardappel slaatje, en een tomaten vinaigrette, zwierde twee Irish rumsteaks en twee varkensfiletjes in de pan en na een half uurtje stond er wat te eten op de terrastafel.
Buiten eten, bij aangename temperaturen, zonder trui en regenpak, maar even vrolijk zonder het gevoel dat als kon je kon je je vel zou uittrekken omwille van de Savanna temperaturen. Met een glas frisdrank, omdat de rosé toch nog niet echt aangewezen was.
Rustig, gezapig. Zonder saai te zijn.
Go with the flow. Het was al even geleden.
Namiddag hebben we een stevige wandeling gemaakt, in de natuur, even weg van het feestgedruis, en afgerond met een Westmalle tripple. Wandelen, samen met Hanne, zonder een concreet gespreksonderwerp, dikwijls in stilte. Elk een beetje verzonken in eigen gedachten, Niks mis mee.
De eigen gedachtestromen wat kanaliseren, efkes reflecteren. Het was nodig.
De voorbije drie maanden waren dan ook bewogen.
Ik stelde begin april aan Hanne de grote vraag. Een vraag die er lag aan te komen, maar waarvan we beiden de impact wat hadden onderschat. Een vraag die wat rose was gekleurd door romantiek. Een vraag die volmondig door mij werd gesteld en door Hanne volmondig met een ja werd beantwoord.
Om dan te beginnen aan een periode van hectiek, zakenreizen voor Hanne en scripties schrijven voor mij, met te weinig tijd om stil te staan bij de impact van een huwelijk.
Er waren tig andere dingen die ons even bezig hielden, met drie weken van fysieke afstand. Een week 600 km en twee weken 9000 km.
Begin mei verdween de fysieke afstand, doordat de business trips van Hanne achter de rug waren.
Het langverwachte weerzien was iets koeler dan we beiden verwacht hadden. Blij om elkaar terug te zien, dat wel, maar er was ogenschijnlijk een stukje warmte verloren gegaan.
Het gewone leven hernam zich, Hanne ging werken, in haar nieuwe job met alle uitdagingen die daar lagen, en ik ging verder in de oorlog tegen mijn grootste vijand kanker. Het huwelijk vroeg dat we toch wel met enige spoed een aantal dingen zouden op poten gaan zetten, maar er waren wel altijd andere zaken die onze aandacht opeisten.
Zonder het echt goed te beseffen verzandden we elk in onze eigen patronen, en ons huwelijk kreeg niet de aandacht die een nakend huwelijk zou moeten krijgen.
Geen van ons beiden had het lef om dit aan te kaarten, maar we voelden allebei dat er ergens fundamenteel wel wat veranderd was.
Er waren muizenissen, in ieders hoofd en die niet dadelijk konden worden geduid.
De focus lag niet waar die eigenlijk moest liggen. De spontane lieve knuffel bleef wat uit, en als er toch een knuffel kwam voelde die wat geforceerd aan.
Het is een gekend fenomeen. En het heeft een naam.
Cold feet.
Koude voeten.
Twijfels die toeslaan. Is huwen echt wel het beste idee?
En voor een stelletje zoals Hanne en ik liggen er nog wel wat meer penetrante vragen op de plank dan dit het geval is voor een 'gewoon' koppel.
En zelfs een 'gewoon' koppel kunnen last hebben van cold feet. Bij ons liggen er enkele bonus vragen.
Ons leeftijdsverschil bijvoorbeeld. 24 jaar is niet niks. En mijn kanker, die vandaag nog steeds een doodsvonnis betekent. Levensverlengende behandelingen, geen levensreddende behandelingen.
Of de trajecten die elk van ons hebben afgelegd, en waar we beiden vanuit onze levenservaringen het idee hebben opgevat dat we nooit ('meer', in mijn geval) zouden huwen.
De accenten van de vragen liggen bij elk van ons wat verschillend.
Bij Hanne leefden er andere twijfels dan bij mij.
Ikzelf stelde onder meer de vraag of ik het recht had om een jonge vrouw te huwen, wetende dat ze veel te vroeg een weduwe zou worden.
En of ik het recht had iemand van zevenentwintig te binden aan mij. Een jonge vrouw, boordevol energie, met hopen plannen, timmerend aan haar beginnende carrière die een niet onbelangrijk deel van haar tijd en vooral vrije tijd vroeg. Tijd die ik niet meer heb. In een dynamiek die ik omwille van de kankerbehandeling en de nevenwerkingen ervan niet altijd meer heb. Zelfs dikwijls niet meer heb. Gewoon omdat de chemo alle energie uit me haalt, en ik meer moe dan vitaal ben.
Omdat Peter die Hanne leerde kennen vandaag niet meer dezelfde is. Er zijn genoeg stelletjes die gelukkig zijn en blijven waar ook een leeftijdsverschil van meer dan twintig jaar ligt, maar daar is kanker geen stoorzender.
De korte termijn van het leven dat mij nog rest, en wat Hanne en mezelf deden besluiten om de tijd die ons nog rest samen door te brengen, vormt nu vreemd genoeg een barrière. Vragen die ook bij mij zijn gaan leven.
Hoe moet het verder als ik op de ene of de andere miraculeuze wijze toch die onoverwinbare kanker zou overwinnen, en er mij nog veertig jaar zijn gegund?
Er is een fundamenteel verschil tussen een engagement voor twee jaar, of in het beste geval drie, en anderzijds een engagement voor veertig jaar.
Wat als ik zelf mijn pensioenleeftijd haal, en kan gaan genieten van vrije tijd na decennia hard werken, terwijl mijn vrouw nog 24 jaar moet werken? Hoe pakken we dat aan? En hoe gaan we er mee om dat als mijn vrouw kan gaan genieten van haar pensioen ik zelf mijn laatste adem ga uitblazen?
Bij Hanne leefden er gelijkaardige vragen. Ze ervaart nu bijvoorbeeld regelmatig de beperkingen van mijn fysieke kunnen omwille van de chemobehandeling.
Ook bij haar leven er vragen.
Begrijpelijk.
Sporten samen met haar partner is quasi onmogelijk. Een flinke wandeling in een aangepast tempo kan, tennis, squash of zelfs maar tien kilometer joggen niet.
Festivals waar de muziek van haar generatie wordt gebracht veroorzaken alleen maar hoofdpijn bij hem.
Gaan backpacken voor een maand of twee samen met haar partner kan niet.
Niet omdat ik daar fysiek niet meer in staat toe ben, maar omdat mijn behandeling geen twee maanden onderbreking toe laat. Fysiek zou ik dat wel kunnen, mits behoorlijke inspanningen en niet willen toegeven. Maar twee maanden zonder behandeling zijn vandaag gelijk aan zelfmoord.
Hanne die gelet op haar jeugdige leeftijd, wel eens behoefte heeft aan een avondje stappen met vriendinnen, en ik zelf die dat allemaal al gehad heeft, en het minder noodzakelijk vind om met 'the guys' er nog eens in te vliegen.
En anderzijds ikzelf die me soms een stukje ontheemd voel, doordat ik logischerwijze verhuisd ben naar de omgeving van Gent omdat Hanne haar professionele wereld hier ligt, en haar sociale wereld ook.
Mijn roots liggen 120 km ver van Gent. Een avondje stappen met de vrienden moet dan flink op voorhand gepland worden... De spontaniteit van de impuls is verdwenen.
Cold feet dus, bij mezelf en bij Hanne.
Het is uiteindelijk uitgemond in enkele diepgaande gesprekken, waarbij de wederzijdse vragen en twijfels werden geduid en doorgesproken.
En een aantal van de twijfels werden weggenomen. Een aantal. Niet allemaal.
Sommige vragen hebben het recht er te zijn, zonder een duidelijk antwoord.
Sommige vragen mogen open blijven.
We zijn er intussen uit. Samen, en ergens ieder voor zich.
We zien wel waar het pad toe leidt.
En voor elk probleem is er een oplossing. Je moet die alleen willen zien.
De basis is er. We zien elkaar graag. Heel erg graag.
De rest is bull shit.
Yought meets age. And age meets yought.
Verruimend en niet verlammend.
Je moet het alleen willen zien.
19 augustus zeggen we ja tegen elkaar.
Niet evident. Hanne haar 'ja' zeker niet.
Daar ben ik me ten zeerste van bewust.
Ik zal geen runaway bridegroom zijn.

maandag 18 juli 2016

Cold feet.

Maandag 18 juli 2016.

Here I'm again. I feel the urge to write.
Dus volgen we die drang maar zeker.
CT scan vandaag, weerom na twee maanden. De uitslag is wat we verwachtten.
"Mijnheer Schodts, we hebben de resultaten van uw scan nauwlettend bekeken."
In mijn hoofd: "Echt, meent ge het?" Da's wat ik elke twee maanden te horen krijg. Probeer eens wat origineel uit de hoek te komen."
Al was ik vandaag wel enigszins verontrust.
Zijne hoogheid prof. Knackebröd himself had zich verwaardigd om mijn box nr. 275 nog eens te bezoeken. Vergezeld van zijn harem assistentes.
Als zijne hoogheid in persoon je wat wil komen vertellen is dat gewoonlijk geen goed nieuws.
Tot mijn frank viel, of om in hedendaagse termen te spreken, mijn eurocent.
De CT scan van vandaag rondde een jaar, of toch bijna, zijnde twaalf cycli van vier weken af. Voor hun een monumentaal moment, want de eerste na mij hield het net geen vijf cycli uit.
Dat verantwoordde dus het feit dat zijne hoogheid de Prof himself eens uit zijn ivoren toren neerdaalde om me te komen vertellen dat mijn resultaten toch wel markant zijn.
Mijn bloedwaarden vandaag waren niet echt om over naar huis te schrijven.
Neutrofielen 900, totale witte bloedcellen op 1160. Da's echt wel weinig. En kadert niet in de intussen gesettelde uitspraak 'een Schodtske doen'. Het is van oktober vorig jaar geleden dat ik nog zo 'slecht' scoorde.
Ik had het wel wat verwacht.
De aftose en de mucositis (een verzamelnaam voor mondinfecties) deden me de liggende resultaten verwachten.
Zelfs glimlachen doet pijn, een reflex die je maar onderdrukt op het moment dat een glimlach zich opdringt en je dan bijna in je broek plast van de pijn. Ik heb vandaag een paar keer een glimlach moeten forceren, al was het maar uit beleefdheid. Mijn broek bleef mits zware inspanningen en enkele vreemde grimassen netjes.
Zoals ik voorheen al eens gezegd heb zijn mondontstekingen een straf voor iemand die graag praat en vooral graag eens glimlacht. Breeduit lachen met zulk een geïnfecteerde mond is dan compleet uit den boze.
Een goedgekozen mop aan me vertellen staat op zo een momenten gelijk aan waterboarden, wat door de mensenrechtenorganisatie gecatalogeerd werd onder 'onaanvaardbaar'.
Geloof me, een terrorist met een bakkes vol aften doe ik gegarandeerd spreken.
Een goede mop vertellen  is meer dan genoeg.
De aftose en mucositis even terzijde gelaten kreeg ik geen resultaten die ik niet had zien aankomen.
Ze lagen in de lijn van de verwachtingen.
De tumor in de lever is verdwenen of toch niet meer meetbaar, de bot metastasen zijn gewoon weg en de tumor in mijn linker long is stabiel. In de rechter long is niks mis. Of toch niet zichtbaar.
Het 'goede nieuws' is relatief natuurlijk. De tumor in mijn linker long groeit niet, maar verkleint ook niet. Geen remissie, ook geen recidiveren.
Wetende dat die tumor ooit het volume had van een pompelmoes met grootheidswaanzin, en vandaag nog steeds het volume meet van een zoete puntpaprika, is er enige vooruitgang geboekt.
Het feit dat die paprika in mijn linker long niet meer groeit, maar ook niet kleiner wordt is toch wel een dubieuze boodschap.
Het blijkt allemaal onder controle. De behandeling van de tumoren dan toch.
De nevenwerkingen van de behandeling worden manifester. Derden merken dat niet altijd, omdat ik die nevenwerkingen zoveel mogelijk onder de mat probeer te schuiven.
Eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat de nevenwerkingen stilletjes aan door wegen.
Om te beginnen heb ik een bloedhekel aan de intussen lookalike Fester Adams, ons welbekend als de creep uit 'the Adams famely'.
De momenten dat ik me schaam over hoe ik eruit zie zijn talrijker, veel talrijker, dan de momenten dat ik het me niet aantrek. Ik word me meer en meer bewust van de 'stare' die ik krijg. Zeker op events waar een kut volk aanwezig is, zoals de Gentse Feesten.
De mondontstekingen beginnen ook danig mijn keel uit te hangen.
Met mijn eetlust is niks mis, en als eten een straf is omdat je dat helse pijnen doorstaat door die aften, die vlot de vergelijking met een vulkanische krater doorstaan, ben je twee keer gestraft. De barbecue aansteken is dan vooral voor je gezelschap plezant. We nemen het erbij.
De zwemvliezen aan mijn voeten begint ook mijn voeten uit te hangen. Een normaal wandeltempo zit er niet meer in tenzij je het risico wil lopen dat je al je tanden uit je bek valt, wat ook geen optie is, want een bloeding stopt niet zomaar meer. Zonder dan de afbreuk aan je uiterlijk nog maar enigszins te overwegen. Een bakkes vol aften, ok. Tot daaraan toe. Een bakkes vol aften en zonder tanden, neen, dank je wel.
Gevolg van de zenuwschade die ervoor zorgt dat je het 'contact' met de grond onder je voeten verliest. Je gaat onhandig lopen, alsof je inderdaad denkbeeldige zwemvliezen aanhebt. Grappig om te zien, behalve als je zelf het onderwerp van de spotternij bent.
Cold feet, en niet zoals het gewoonlijk begrepen wordt. My cold feet...
De vermoeidheid denk je te kunnen parkeren, maar dat is Utopia. Iedere keer als je mijnheer vermoeidheid in de hoek zet, dan krijg je de rekening achteraf. Met intrest aan woekertarieven.
Hematologische waarden die ver onder alle minimumwaarden liggen bijvoorbeeld.
Een muggenbeet openkrabben resulteert in een half uur met een zakdoekje staan deppen om te proberen de bloeding te stelpen, en in zes weken genezingstijd.
Ik parkeer het allemaal, en negeer het zo veel als ik kan.
Omdat het maar één keer per jaar Gentse feesten zijn, en ik partner en vrienden niet wil ontgoochelen.
Luisteren naar wat je lichaam je vertelt wil je dan even niet horen.
Of omdat je vrienden samen met je leuke dingen plannen en je hen niet wil ontgoochelen.
Met de tropische temperaturen die er vandaag en de rest van de week liggen is de functie van haar, wenkbrauwen en wimpers bijvoorbeeld glashelder gesteld.
Zonder die harige attributen loopt zweet vrolijk in je ogen en liefst wanneer het helemaal niet schikt.
Je ziet niks meer zoals het hoort. Overkleef eens je zonnebril met een matte folie, en trek de Genste Feesten op, of eender welke braderie...
I wish you all the luck.
Ik negeer het allemaal.
Omdat je partner en vrienden niet in de kou wil laten staan. Omdat je niet wil zeuren en pretbederver wil zijn. Omdat je jezelf wijsmaakt de 'stare' aan te kunnen.
Een andere bijwerking is dat je tot instant psychotherapeut wordt gebombardeerd, doordat je perceptie op het leven toch wel enigszins is veranderd en je de essentie wat duidelijker ziet.
Blijkbaar voelen mensen dat op de ene of de andere manier aan want de rij psychisch hulpzoekenden die bij je komen ventileren met in hun ogen onoverkomelijke wissewasjes is behoorlijk lang.
Terwijl je zelf  op je honger blijft zitten met je vragen, je angsten en je ziekte.
Mensen vragen uit beleefdheid wel: "Hoe gaat het met je?" en verwachten dan als antwoord 'goed'. Omdat een ander antwoord binnen het kader kanker hen uit het lood slaat.
Wanneer ik dan uit oprechte interesse zelf vraag "Hoe gaat het met jou?" krijg ik regelmatig een uitgebreide uiteenzetting van hun grote en kleine problemen.
Die dan steevast uitmondt in een verwachtingsvolle blik en de hoop dat ik die problemen of probleempjes met één armslag van tafel kan vegen of een pasklaar antwoord heb,
Dus beste lezers, de volgende keer dat je een terminale kankerpatiënt zijn advies wil in jouw onbenullige en jouw ogenschijnlijke onoverkomelijke wissewasjes omdat die kankerlijder zijn perceptie op een aantal fundamentele dingen ook fundamenteel is gewijzigd als gevolg van zijn/haar levensverwachtingen, probeer je even te verplaatsen. Ook al is dat moeilijk.
Stel je even voor dat elk uur dat je leeft je moet verdienen. Door alle hier boven genoemde bijwerkingen te parkeren. Ergens in een woestijn, want de parking voor de deur is niet ver genoeg.
Door de nevenwerkingen van je behandeling erbij te nemen. Omdat je geen keuze hebt.
En stel je dan voor dat je zelf op je honger blijft zitten, met je angsten , je vragen, je ziekte.
Dat je zelf dan tot instant psychotherapeut wordt gebombardeerd, doordat je de essentie ziet, maar zelf nergens terecht kan met je vragen, je twijfels en angsten tenzij bij lotgenoten.
Die je daar niet mee wil lastig vallen, net omwille van je eigen ervaringen.
Dat vraagt inlevingsvermogen. Ook wel eens empathie genoemd.

Empathie is blijkbaar eerder uitzondering dan regel vandaag.
Als er meer empathie zou zijn, was de dreiging voor terrorisme nihil.
Leef wat meer met elkaar, en voor elkaar, in plaats van in functie van jezelf.
Parkeer je eigenbelang even, en kijk wat je terug krijgt voor je empathie. Geef, en neem niet alleen.
Hoofdzakelijk nemen en vooral met jezelf bezig zijn heet narcisme.
Narcisme is ook een vorm van extreme polarisatie. Een fundamenteel probleem.
Vandaag zeker. En als ik kijk naar hoe mensen vandaag reageren is narcisme eerder regelmaat dan uitzondering. Zolang het eigenbelang gegarandeerd is zijn we bereid ons te prostitueren onder welke vorm dan ook.
Zielig.
Ikke en de rest kan stikken.
Eerst oompje, en dan oompjes kinderen.
Ik weiger hier aan toe te geven.
En ik zie liever af door te babbelen in een verhelderend gesprek, met een bakkes vol aften, doodmoe en met zwemvliezen aan mijn voeten, dan me op een eiland terug te trekken omdat toevallig een bakkes vol aften net iets te veel pijn vraagt.
Ik wandel die kilometer naar de kroeg waar een vriend of vriendin met me wil praten over zijn/haar levensbeschouwelijke vragen. Met zwemvliezen aan mijn voeten.Omdat die vriend of vriendin het waard is.
En ik val liever al mijn tanden uit dan die vriend/vriendin in de kou te laten staan.
En ik ga daarvoor zelf in de tocht zitten, samen met die vriend of vriendin.
Al leerde het verleden me dat tocht en chemo niet samen gaan.
Tekeningetje nodig?

dinsdag 28 juni 2016

Blog wat verwaarloosd.

28 juni 2016.

Lang geleden dat ik nog eens een update plaatste. Mia culpa.
Er is in die drie maanden wel wat gebeurd.
Gelukkig maar, anders zouden het saaie weken en maanden zijn geworden.
Zo veranderde Hanne op 4 april van werkgever, die gelijk opleidingen voor haar voorzag in Duitsland en India. Ik ben in april voornamelijk in mijn uppie geweest, op een bezoekje van een vriend en twee vriendinnen na. Tijd genoeg gehad om aan zelfreflectie te doen, af te rekenen met de laatste demonen uit mijn verleden en het lef bijeen te rapen op toch weer plannen op langere termijn te maken.
Ik vroeg ik Hanne ten huwelijk. Dat was voor mij al plannen op langere termijn. Augustus halen kan een uitdaging zijn in het begin van april...
De dure eed die ik jaren geleden zwoor bij de laatste echtscheiding om nooit meer te huwen heb ik eens onder het licht gehouden, en ingezien dat het een loze eed was. Gezworen vanuit emoties en niet vanuit ratio.
Hanne zei ja. Waar ik op gehoopt had, maar zeker niet vanzelfsprekend vond. Ze kiest niet voor de gemakkelijkste weg. De kanker is er nog steeds, al is die behoorlijk onder controle.
Maar toch.
Hij is er en is niet bedwongen. Onder controle is niet bedwongen.
April was een maand van mezelf tegen komen, uitkijken naar het kwartiertje of half uurtje Skypen met Hanne, en omgaan met de gevoelens van eigen maatschappelijke nutteloosheid die dan confronterend op me af kwamen.
Nog niet zo lang geleden was ik het die het vliegtuig nam voor het ene of het andere project of opdracht.
Het besef dat ik dit moest loslaten was niet makkelijk. Kanker neemt je meer af dan alleen je gezondheid. Het neemt je het leven af dat je gewoon was.
Maar je krijgt er ook wat voor terug, je moet het alleen willen zien. Die lamp zag ik duidelijk branden in de reflectieperiode in april, maar daarover straks meer, verweven in deze tekst. Even alleen zijn kan ook zijn goede kanten hebben.
Veel ben ik niet buiten geweest in april. De chemo kwam wat harder aan dan gewoonlijk, waarschijnlijk ook omdat ik me niet in optima forma voelde. Hanne missen, haar vrolijke snoet na een werkdag zien binnenkomen, geen potje koken voor een gezellige tafelavond met twee. Enfin, het was eerder saai.
Ik was dan ook heel erg blij toen ze terug thuis was. Het laatste weekend van april was er eentje van terug lekker koken, genieten van elkaar en luisteren naar haar verhalen. Zalig.

Mei stond voor de deur en mijn verjaardag ook. Ik had die eigenlijk een beetje in stilte willen voorbij laten gaan, het was immers een geleende verjaardag die me niet meer toekwam.
Ook daar had ik wel eens over nagedacht. Het volle besef dat elke verjaardag die je viert je laatste zou kunnen zijn, en eigenlijk door de aard van de kanker die in me zit ik deze verjaardag volgens de statistieken al niet meer had mogen vieren maakt dat je vreemd genoeg zulk een dag graag rustig voorbij wil laten gaan. Hanne had toch een paar vrienden uitgenodigd, mensen die ik graag heb, en één nieuw gezicht, meegebracht door een vriendin van me, waar ik intussen een goede vriend aan over hield. Thanks Edwin, voor alle toffe gesprekken en ontmoetingen die we al hadden.
Het was een leuke avond, die laat is geëindigd, heel laat, met een afzakker samen met een goede vriend in onze keuken. Hanne die uitgeteld van vermoeidheid wat vroeger is gaan slapen dan Marc en mezelf. Marc die zelf een gevaarlijke kanker overwon na jaren knokken, heeft met mij nog diepe gesprekken gevoerd tot de zon meer dan op was. One to remember and to frame!
En dan de zomeropera, waarvan ik dacht dat ik vorig jaar de laatste had gezien. Omwille van de statistieken die me vertelden dat mijn tijd op was. Niet dus. Ik heb er nog eentje kunnen meepikken. Met mensen rond me die ik koester en met dank aan mams en paps die me deze opera voor de vierde keer aanboden. Doelstelling is de vijfde ook nog mee te pikken. Het is toch altijd een beetje speciaal, die zomeropera. De omgeving, de setting, de mensen en de voorstelling, de sfeer. Zalige momenten om niet meer te vergeten.
En dan is er Stijn. My best friend. Niemand, buiten mijn ouders, mijn zus en haar man die me zo leest en kent. We eten samen wat, en proberen dat één keer per maand te doen. Stijn heeft een razend drukke agenda, wat begrijpelijk is als je een bedrijf als netwerk NV runt. En toch zoekt en vindt hij telkens een paar uurtjes tijd voor een etentje, een gezellige babbel en het bedisselen van strategieën in de meest uiteenlopende dingen. Hij weet wat ik denk, en ik weet wat er in hem omgaat. Zonder dat dit uitgesproken moet worden. Zeldzame mensen in je leven, en die koester ik. We staan elkaar met raad en daad bij, kunnen aan elkaar zeggen wat we denken en niet wat de ander graag wil horen, hoe hard de uitspraken ook kunnen aankomen. Maar eerlijkheid zet zoden aan de dijk, al het andere is verpakte zever. En dat weten we beiden. Door de leerschool des levens. Daar heb je echte vrienden voor. Die sparen elkaar niet, maar zijn er wel voor elkaar. Altijd. Stijn is zo'n vent die uit dat juiste hout is gesneden. Het eenvoudig etentje, maar met liefde voor het vak bereid door een kok, garçon, afwasser, commis en chef tegelijk in een onooglijk klein restaurantje in het Gentse (de man runt dat helemaal alleen) is zoveel meer waard dan de sterrenetentjes die ik zo dikwijls deed en waar het oeverloos gelul van de 'zakenpartners' voorspelbaar en o zo doorzichtig uit hun monden rolden. Geef mij maar Stijn, met zijn gevatte opmerkingen en uitspraken. Achter een friet met artisanaal bereid stoofvlees. en een pint of een spa erbij. Ik kijk uit naar de volgende lunch maat.
Ter info, Stijn is samen met mijn zus getuige op mijn huwelijk.

Juni kwam en is bijna voorbij. En bracht me ook zalige momenten. Een deugddoende vakantie in Carpentras in het hartje van de Provence. Samen met Hanne en mijn ouders. Ontspanning pur sang, voor mij dan toch. Voor mijn gezelschap soms een flinke inspanning, want de bijwerkingen van de chemo hadden besloten tijdens deze vakantie zich nog eens in volle glorie te manifesteren. Een mond vol aften en ontstekingen, die me letterlijk het zwijgen oplegden. Misschien een verademing voor de oren van mijn gezelschap, maar een straf voor mij, en niet echt ok voor mijn goed humeur. Maar ook wel hele leuke momenten. Samen met mijn vader vroeg in de ochtend naar de bakker wandelen en die heerlijke Franse baguettes gaan kopen, om die dan in mijn broek pissend van de pijn toch op te eten. Krokant brood en een bakkes vol aften is geen aan te bevelen combinatie. Maar de gourmand in me was sterker dan de pijn.
Nie neute en nie pleue zeggen ze hier in Gent.
De techneut in me die even terug de kop op stak en de zwembadverwarming aan de babbel kreeg, hoe zorgvuldig de verhuurders van dat vakantiehuisje  dat ding ook hadden geprogrammeerd om vooral niet te verwarmen en de energiekosten op nul te houden. Het water ging op twee dagen van 19° naar 28°. Techniek hé, heeft nooit zijn geheimen voor me kunnen bewaren. Een uurtje heeft het van me gevraagd, en ik had een gelukkige Hanne en mama, die in dat zwembad regelmatig verkoeling gingen zoeken zonder dat hun tenen eraf vroren.
We hebben wat trips ondernomen, ik heb met mijn toekomstige vrouw gedanst op de brug van Avingnon, er het Palais du Papes bezocht, Carpentras ontdekt, en in een dorpje in de buurt een gigantische markt bezocht met duizenden kraampjes. Ik heb Pastis en Richard leren herwaarderen, zalige gesprekken gehad met mams, paps en Hanne tot laat in de avond onder de zwoele nachtelijke hemel op het terras. We hebben een paar wijnboerderijen bezocht en een collectie heerlijke wijnen gekocht. En de vakantie afgesloten met een lekker etentje bij mijn zus en schoonbroer, die weer magistraal had gekookt. De hartelijke ontvangt van hun was verwarmend. Om dan moe maar voldaan het laatste weekend van de maand af te ronden op het thuisfront. Op zondagnamiddag DE spaghettiwestern op groot scherm te mogen zien in de bioscoop. The good, the bad and the ugly. Om het dan helemaal compleet te maken, en dat vooral voor Hanne, hebben de rode duivels een match neer gezet om u tegen te zeggen. Ik ben helemaal geen voetbalfan, maar ben in stilte wel trots op de prestaties van onze duivels, en gun het hun all the way. Hou dit voor jou ajb, ik heb een reputatie hoog te houden.
Als klap op de vuurpijl waren de tumormarkers vandaag van uitstekende aard. De chemo, hoe hatelijk die ook is, en hoe zeer die van mij meer een meer een verschrompelde oude vent maakt doet zijn werk beter en beter. Ik durf nu beginnen te hopen, al is het ijdele hoop dat er misschien wel eens een dag komt dat ik dat vergif niet meer nodig heb, en niet omdat ik tot stof en as wederkeerde.
Ik ben meer dan tevreden met het leven dat me nu gegund is. Ondanks alles.

Juli en augustus staan voor de deur, en voor mij zal juli in het teken staan van 19 augustus. Er zijn nog wel wat ijzers te smeden, maar in the end the plan will come together. Het zal moeten. Het was jaren mijn job, zo'n projecten tot een goed einde brengen. Ik wil Hanne de dag van haar leven bezorgen. Op onze manier. Zoals wij in het leven staan. Zonder franje, zonder grandeur. Heel eerlijk en sereen, met een feest dat een feest moet zijn, in de ware betekenis van het woord. Niet makkelijk, in een wereld waar uiterlijkheden de balans maken.
We willen een feest waar mensen oprecht plezier maken, elkaar ontdekken en herontdekken.
Waar de muziek geen strijd aangaat met het captatievermogen van de oren, en waar er nog gepraat kan worden. Waar een goed getapte pint hand in hand gaat met een eenvoudige lekkere wijn en een zorgvuldig bereidt hapje.
Ik weet dus nog wat te doen.

maandag 21 maart 2016

Beschouwelijke review.

Beschouwelijke review.

21 maart 2016.
Het begin van de lente.
De verjaardag van een goede vriend. En de dag dat ik, vandaag exact één jaar geleden in spanning zat te wachten tot ik mijn definitieve diagnose kreeg.
Dat het een longkanker was wisten we al. Dat het een kleincellige kanker was vermoedde ik al.
Dat hij uitgezaaid was had ik niet zien komen.
Maar het dan ook effectief bevestigd krijgen was toch nog altijd een ander paar mouwen.
Het plaatste mijn overlevingskansen op vijf jaar ineens van de oranje zone naar de rode zone.
Met andere woorden, de kans dat ik over een jaar nog zou leven werd gereduceerd naar minder dan 10 procent.
De oncoloog was daar behoorlijk nuchter in, aan het telefoontje op dinsdag 24 maart, drie dagen in de kersverse lente.
Hij bevestigde mijn angst. Een kleincellige longkanker. Met gelijk een PET scan,  de dag erna, en een consult op zijn cabinet op 26 maart.
En weeral die moker. Uitzaaiingen naar de lever. Niet goed. Helemaal niet goed. De prognose was in de gelijke lijn. De tumor in de long was groot, geïnvadeerd en het letsel in de lever was aanzienlijk. Augustus, september misschien, als de chemo die aangewezen was zou aanslaan. Dat was wat er toen lag.
De vuurrode zone. Het kwam aan, echt wel, al probeerde ik me sterk te houden.
Dat is intussen één jaar geleden. Zeven maanden verder dan de eerste diagnose me gaf.
Ik kreeg nog een kerst, Pasen staat voor de deur en als het blijft lopen zoals de dingen nu gaan, komt er nog een verjaardag aan en een zomerreisje.
Het was een bewogen jaar. Een jaar waarin heel veel dingen gebeurde. En het roer van mijn leven bruut werd omgegooid.
Chemo krijgen is niet altijd even gemakkelijk.
Ik ben de tel van het aantal dosissen intussen kwijt, maar het zijn er meer dan 200.
Je wordt er ziek van, doodziek. Je lichaam verandert, je wordt op een jaar tijd twintig jaar ouder. Fysiek toch. Hoofdharen vallen uit, komen terug, vallen dan weer uit. Allemaal. Overal.
Je wordt in je uiterlijke trots aangetast.
Wie zegt dat uiterlijk niet belangrijk is, uit zich hypocriet. Iedereen ziet er graag goed uit, en dat word je afgenomen.
Je krijgt rimpels, je huid veroudert in een ijltempo. Wenkbrauwen en wimpers verdwijnen, en accentueren de rimpels die je nooit had, en er nu ineens wel zijn. Je mond gaat er vreemd uit zien, en doet vanbinnen pijn. Je lippen zien er constant uit alsof je in een nijdige noord - oostenwind hebt gestaan. Je voeten gaan tintelen, rennen is er niet meer bij, ver stappen wordt een opgave.
Je krijgt aanvallen van vermoeidheid. De uren dat je op het toilet spendeert met losse stoelgang, of regelrechte bevallingen worden legio. Slapen op normale uren wordt een opgave. De vermoeidheid overvalt je op de meest onmogelijke ogenblikken. De momenten dat je overloopt van energie ook.
Je familie en vrienden zeggen je dat je er ‘goed’ uit ziet, maar je leest de leugen in hun ogen. Het spreekwoordelijke leugentje om bestwil. De spiegel echter is onbarmhartig. En vertelt de waarheid. Die liegt niet. Nooit. De weegschaal ook niet, al lijkt die het noorden kwijt. Je gewicht fluctueert constant. Een broek waar je nu niet in kan, past over twee weken wel weer. En de broek die je nu draagt hangt over twee weken op je enkels.
Veel positiefs aan chemo krijgen is er niet. Het koopt je tijd. That’s all folks. It buys you time.
Maar ik zou het voorbije jaar voor geen geld van de wereld hebben willen missen. Echt niet.
En al de ongemakken neem ik er graag bij.
Het heeft wel wat in een ander perspectief geplaatst. En doet dat nog steeds. Zonder de nuchterheid te verliezen, en me bewust te blijven van het feit dat ik intussen in geleende tijd leef.
Het voorbije jaar heeft me meer mens gemaakt dat de voorliggende vijftig jaar. Het heeft me milder gemaakt. En het heeft me zoveel mooie dingen gebracht.
Het heeft me doen besluiten om afscheid te nemen van bepaalde mensen. Mensen die me niets meer konden bijbrengen. Die me allang geleerd hadden hoe je niet met elkaar omgaat, maar waar me het lef ontbrak om hun dat ook daadwerkelijk te zeggen. Het heeft me ook de deur laten opzetten voor mensen die ik veel meer in mijn leven wou zien. Eén mens vooral.
Ze geeft me elke dag weer vreugde, liefde, leute en soms ergernis. Iedereen die me een beetje kent weet wel over wie ik het heb. Ze maakt me soms ook boos. Niet op haar, maar wel op de tijd. Ze doet me wensen dat ik veel meer tijd had. Om met haar te kunnen doorbrengen, omringt met alle andere mensen die erg belangrijk zijn geworden. Mijn familie, mijn vrienden. De echte vrienden. Zoals ik Pasen nog eens zal mogen beleven, Samen met mijn ouders, mijn zus en haar man, en haar. Hanne.
Wat overblijft is de crème, het zuiverste koren. De huichelaars hebben intussen afgehaakt, of heb ik de deur gewezen. Mensen die ik onderweg verloren was, zijn teruggekeerd. Jeugdvrienden. Mensen die ik meezeulde zijn verdwenen.
De rugzak die ik meedraag is uitgekuist intussen.
En alles wat er nu nog in zit wil ik graag meedragen. De liefde, de herinneringen, de vossenstreken. De professionele bagage, al is die vandaag wat minder relevant. De lessen, ook de harde. Maar vooral de betrokkenheid, van mensen met mij, en ik met hun.
Voor mij hangt er vandaag geen factuur meer vast aan mensen helpen. Ik help graag, waar ik kan, en op mijn manier. Zonder dat daar een rekening voor wordt gemaakt.
Wanneer ik ergens dingen vanuit een ander perspectief kan aanreiken, mensen kan overtuigen dat als je iets graag genoeg wil je dat ook kan bereiken, dan ben ik allang blij. Als ik inzichten kan geven, en inzichten kan verwerven, dan voel ik me rijk.
En als ik dan, tegen alle verwachtingen in, één jaar later een stukje als dit kan schrijven, dan weet ik dat de geest van een mens, de wil, tot heel veel in staat is. En er misschien volgend jaar nog zo’n stukje te schrijven ligt.
Dank je wel iedereen die vandaag deel uit maakt van mijn leven.
Dank je wel om dit stukje te lezen.
Dank je wel dat je er bent.
Dank je wel om mijn wilskracht te voeden, zonder jou had ik nooit tot hier geraakt.
Als ik je kan helpen, op mijn eigenaardige manier, laat het me gewoon weten. Een babbel kan veel oplossen.
En doe me een plezier.
Bij de volgende aangekondigde zonnige dag, sta eens op voor dag en dauw.
Ga buiten, en kijk naar de opgaande zon. Zuig je longen vol met de ochtendlucht, zo diep dat het pijn doet. En voel het leven. Rek eens goed uit, verdrijf de beslommeringen, en geniet eventjes van het moment. Leef in dat moment, put er energie uit, en je kan de wereld terug aan.
Dat is wat ik elke maandag doe. Voor ik de volgende chemo krijg.
Peanuts, na zo’n moment. Echt wel.